GGD Nederland

De vereniging voor alle GGD'en in Nederland beschermt de gezondheid van de inwoners van Nederland.

Reactie Sandra Korthuis, lid Directieraad VNG

In Nederland geven we meeste zorgeuro’s uit aan het einde van het zorgproces. Daarmee verspillen we niet alleen veel geld, maar ontnemen we ook veel mensen de kans op een actief en menswaardiger bestaan zonder onnodige beperkingen. Gemeenten kunnen op grond van hun verantwoordelijkheden voor de publieke gezondheid (Wet PG) en de WMO veel meer werk maken van preventie. Daarbij moet niet alleen naar de puur medische kant gekeken worden, maar ook naar de sociaal maatschappelijke kant. Met het perspectief van de toenemende vergrijzing is hier heel veel winst te behalen. Echter, ons wettelijk stelsel zit zo in elkaar dat het succes van de inspanningen van de gemeenten zich vertaalt in minder zorguitgaven in de wettelijke domeinen van de AWBZ en de Zvw. Verzekeraars hebben aangegeven niet aan preventie te willen bijdragen. Daarom is het noodzakelijk dat vanuit de AWBZ en Zvw middelen beschikbaar komen om de gemeenten in staat te stellen preventie-activiteiten grootschalig te organiseren. Een bedrag van 500 miljoen Euro (=plm 1,5% van de premies AWBZ en Zvw) is een bescheiden bedrag gezien de totale zorguitgaven in Nederland.

Het lijkt nu alleen om geld te gaan in deze bijdrage aan de discussie van GGD Nederland. Dat is niet zo, maar preventie kost nu eenmaal geld. Voldoende middelen voor preventie is een vereiste om aan effectieve preventieve maatregelen te komen. In de financiering van de zorg zijn bestuurders nooit aan deze fundamentele keuze toegekomen. Preventie was iets van mooie woorden zonder daarbij tot de noodzakelijke daden te komen. We kunnen ons dat met het oog op de komende vergrijzing niet meer permitteren. Maar ook bij jongeren is een veel bredere preventie inzet mogelijk.

Wat de vergrijzing betreft: Er zijn veel preventiemaatregelen te bedenken. Doelstelling daarbij is dat mensen langer actief, betrokken en zelfredzaam blijven. Zorgconsumptie als alternatief voor sociale aandacht moet worden tegengegaan. Ookal komt de ouderdom met gebreken, met een sociaal netwerk en persoonlijke slagkracht kunnen die gebreken beter weerstaan worden. Veel ouderen geven aan behoefte te hebben aan voorzieningen op loopafstand. Daarbij staat de supermarkt met stip op nummer 1. Dat geeft de mogelijkheid om langer zelfredzaam te zijn. Maar die supermarkt moet er wel zijn en dat is lang niet altijd het geval. Dit voorbeeld maakt duidelijk dat preventie en gezondheidsbeleid niet alleen een zaak van de ‘witte jassen’ is, maar veel meer disciplines binnen de gemeente raakt. De ruimtelijke ordening is er één van.

Als we het wettelijke stelsel voor de zorg bezien, is het wonderlijk te moeten constateren dat de Wet PG, de WMO, de Zvw en de AWBZ nauwelijks dwarsverbanden hebben. Ook bestuurlijk werkt dat zo uit. Het gevolg is een verdergaande verkokering en dat betekent dat kansen onvoldoende worden benut. De burger kan derhalve niet maximaal worden bediend. Naast een veel grotere inzet op preventie pleit ik dan ook voor het slechten van de barrières tussen deze wettelijke stelsels.

Lees ook het VNG- persbericht "Stijging AWBZ-kosten bewijst noodzaak intensivering preventie".

Lees hier de steun van de MOgroep "Ook VNG gaat voor preventie".